Ik ben een overtuigde feministe. Initiatieven die vrouwen versterken hebben in mij een bondgenoot. De vrouwenbeweging van CD&V, waarvan ik voorzitter was,  was al in 1990 voorstander van abortus. In ons land kan abortus  uitgevoerd worden tot een termijn van 12 weken en zelfs langer  als er medische redenen zijn.

Maar ik kan géén bondgenoot zijn van het huidige wetsvoorstel om deze termijn op te trekken tot 18 weken. Het heeft trouwens ook geen Vlaamse meerderheid. De abortuswetgeving is altijd een evenwicht geweest, ook na de recente wijziging die CD&V mee steunde en waar consensus rond was binnen de meerderheid. Een evenwicht tussen het helpen van ongewenst zwangere vrouwen  en de bescherming van het ongeboren leven. Dit evenwicht is compleet zoek in dit voorstel. Bovendien wordt er volledig voorbij gegaan aan de noodzaak om de problematiek van ongewenste zwangerschap beter in kaart te brengen en te begrijpen, zodat het beleid er zorgvuldig kan op afgestemd worden.

De termijn van 18 weken is natte vingerwerk. Voorstanders verwijzen  naar de Parlementaire hoorzittingen in 2018. Ik woonde ze allemaal bij: er was géén  consensus over deze  18 weken. Zitten de artsen op één lijn over de wenselijke termijn? Zij moeten tenslotte in de praktijk brengen wat sommigen achteloos op papier zetten. Waarom nodigen we hen niet uit in het parlement? Wij vragen een grondig  debat over deze afbrekingstermijn.

We hebben het nu over een foetus van iets meer dan 4 maanden en half van ongeveer 20 cm, met haartjes, vingertjes en teentjes, dat beweegt en wiens hartje klopt. De zwangerschapsafbreking is niet langer  een eenvoudige curettage, maar eerder  een operatie met de daaraan verbonden risico’s zoals heftige pijn, een bloeding en baarmoederontsteking. Het vergroot de kans op toekomstige miskramen. Een late ingreep heeft niet alleen een zwaardere impact op het fysieke welzijn van de moeder, maar ook op het verwerkingsproces.

Bovendien wil de abortuscoalitie de bedenktijd  inkorten tot  48 uur, wat veel te weinig is. Uit de hoorzittingen bleek dat een voldoende wachttermijn belangrijk is  voor vrouwen die worstelen met hun keuze. Zelfs de abortuscentra erkennen dat vrouwen  familiedruk ervaren om toch maar over te gaan tot  abortus, en benadrukken hoe moeilijk het is voor  sommige onder hen om een dergelijke beslissing te nemen en de gevolgen van hun keuze op de lange termijn onder ogen te zien.

Voorstanders spreken van  “reële noden voor een beperkt aantal vrouwen”. Maar waarop is dit gebaseerd?. Laat ons het sociaaleconomisch profiel van de vrouwen die kiezen voor een late abortus verder onderzoeken zodat we weten waar we in de hulpverlening tekort schieten. Men spreekt van schattingen van 500 vrouwen die elk jaar naar Nederland gaan. Laten we samen uitzoeken waarom we hen niet voor de 12 weken zwangerschap in België konden en kunnen helpen. Er is welgeteld 1 onderzoek en de conclusie is: dat er meer onderzoek nodig is. Uit de beperkte resultaten van dat onderzoek bleek dat de vrouwen die abortus deden buiten de wettelijke termijn een diploma van lagere graad secundair onderwijs hadden, de niet-Belgische nationaliteit en geen kinderen hadden. 

Een beter begrip van de problematiek zorgt voor betere omkadering en preventie. Ondanks de sterke toename van het gebruik van anticonceptie, daalde het aantal abortussen niet. Tegelijk is meer dan de helft  van de zwangerschapsafbreking te wijten  aan het niet of onregelmatig gebruiken of  falende anticonceptie. Er moet dan ook méér ingezet worden op  op voorbehoedsmiddelen, informatieverstrekking en betere terugbetalingen. De gemiddelde leeftijd van de vrouwen die een zwangerschapsafbreking laten uitvoeren is 27 jaar. 1 op 3 vrouwen die een abortus ondergaat, onderging al eerder een abortus.Als je weet dat anticonceptie terugbetaald wordt tot de leeftijd van 21, is er een link tussen het gebrek aan preventie en de keuze voor een zwangerschapsafbreking. De Evaluatiecommissie benadrukte in haar laatste verslag de paradox dat abortus minder kost dan het gebruik van anticonceptie, wat preventie belemmert. Voor een vrouw kost een abortus in België ongeveer €3,60. Abortus mag geen alternatief worden voor contraceptie.

Ik heb een wetsvoorstel klaar om de abortuspraktijk wetenschappelijk te evalueren en te monitoren. Net zoals In Nederland waar  ethische wetgeving om de zoveel jaar geëvalueerd wordt. Het zou van zorgvuldigheid getuigen om eerst het bestaande kader tegen het licht te houden, vooraleer bijkomende en ondoordachte stappen te zetten.

Wat me nog het meest stoort is dat van abortus een gewone medische handeling wordt gemaakt, zoals het trekken van een tand of een knieoperatie. Het afbreken van een zwangerschap is niet zomaar een medische handeling. Het ermee gelijkstellen is  onverantwoord en onaanvaardbaar. Het gebeurt bovendien in abortuscentra die aan geen enkele kwaliteitscontrole worden onderworpen. Een arts die willens en wetens buiten de wettelijke voorwaarden een zwangerschap afbreekt, die kan door het nieuwe wetsvoorstel niet meer strafrechtelijk worden vervolgd. Ook hiervoor passen wij. Het inschrijven van sancties leidt tot responsabilisering en zorgt ervoor dat men zich bewust blijft van de ernst van de situatie.

Parlementair werk bij een minderheidsregering in lopende zaken is belangrijk en wat mij betreft boeiend. Maar we zijn het aan onszelf en aan alle vrouwen verplicht om ook inzake abortus dit werk zorgvuldig en doordacht te doen.  Een snelle en ondoordachte wijziging van de recente wet zal zonder CD&V  zijn en we zullen alle parlementaire middelen uitputten om dit te beargumenteren.