Veruit de meeste mensen willen thuis sterven, maar volgens recente cijfers van de CM gebeurt dat slechts bij één op de vier. Volgens CD&V kan een kleine aanpassing in de wet al een groot verschil maken.

Wie van de dokter te horen krijgt dat hij of zij hooguit een jaar te leven heeft, kan een palliatief forfait aanvragen. Dat is een premie van 850 euro die de patiënt moet helpen om de laatste levensfase thuis door te brengen, en niet in het ziekenhuis. Het geld kan bijvoorbeeld dienen om een ziekenbed te kopen of kleine aanpassingen in huis te doen. De patiënt kan de aanvraag van het palliatief forfait pas drie maanden voor het verwachte overlijden indienen. Als de patiënt toch nog een maand langer blijft leven, kan de premie één keer opnieuw worden uitbetaald.

Elk jaar voorziet de federale overheid een budget van 30 miljoen euro om alle premies uit te betalen. Volgens regeringspartij CD&V wordt dat bedrag niet ­altijd volledig benut, omdat ­patiënten hun aanvraag pas zo laat kunnen indienen.

“De huidige termijn van drie maanden is simpelweg te kort”, zegt Kamerlid Els Van Hoof (CD&V). “Veel mensen willen thuis sterven, maar daar is ondersteuning voor nodig. Die ondersteuning moet tijdig beschikbaar zijn en niet pas op het allerlaatste moment. Als je het palliatief forfait meteen uitbetaalt, dus zodra een arts vaststelt dat iemand palliatief is, kunnen mensen sneller ondersteuning krijgen en hun zorgtraject beter organiseren.”

Van Hoof legt een wetsvoorstel op tafel om de termijn van het palliatief forfait naar één jaar op te trekken. Volgens het Kamerlid kost die aanpassing niets aan de begroting, integendeel. “Vandaag overlijdt 45 procent van de mensen in het ziekenhuis. Ook dat is een grote kost voor de ­samenleving.” 

Bron: Het Nieuwsblad, 10 april 2026.